Jan is inmiddels drie jaar met pensioen. Een paar maanden voordat hij officieel met pensioen zou gaan, kreeg hij te horen dat hij de ziekte van Kahler heeft, een vorm van beenmergkanker die niet te genezen is. “Dat was wel een klap,” vertelt Jan. “Je leeft naar je pensioen toe en ineens ziet alles er heel anders uit.”
De behandelingen waren zwaar en daarnaast kreeg Jan last van neuropathie, waarbij kleine zenuwen beschadigd raken. Dit zorgt voor veel pijn. Bewegen helpt om de klachten te verminderen en is daarnaast belangrijk om zijn spieren sterk te houden, omdat zijn botten door de ziekte kwetsbaarder zijn geworden.
Voor zijn ziekte was Jan altijd actief. Hij werkte hard, hield van tafeltennissen en was graag onder de mensen. Toen hij ziek werd veranderde dat. “Ik was moe, deed weinig meer en kwam minder buiten.” Ook de sociale contacten werden minder, mede doordat Jan met pensioen ging. Zijn vrouw Yvonne merkte dat hij steeds meer op zichzelf raakte. Zelf had Jan dat minder door.
Toen het langzaam wat beter ging, begon Jan af en toe alleen een rondje door Lochem te wandelen. Via Yvonne hoorde hij over de wandelgroep van Welzijn Lochem. “In het begin moest ik daar echt niks van weten,” zegt Jan lachend. “Wandelen in een groep leek me helemaal niets.” Toch bleef Yvonne zeggen dat het echt iets voor hem zou zijn. Uiteindelijk kwam Janneke van Welzijn Lochem langs voor een gesprek. De volgende ochtend besloot Jan toch een keer mee te gaan met de wandelgroep.
De behandelingen waren zwaar en daarnaast kreeg Jan last van neuropathie, waarbij kleine zenuwen beschadigd raken. Dit zorgt voor veel pijn. Bewegen helpt om de klachten te verminderen en is daarnaast belangrijk om zijn spieren sterk te houden, omdat zijn botten door de ziekte kwetsbaarder zijn geworden.
Voor zijn ziekte was Jan altijd actief. Hij werkte hard, hield van tafeltennissen en was graag onder de mensen. Toen hij ziek werd veranderde dat. “Ik was moe, deed weinig meer en kwam minder buiten.” Ook de sociale contacten werden minder, mede doordat Jan met pensioen ging. Zijn vrouw Yvonne merkte dat hij steeds meer op zichzelf raakte. Zelf had Jan dat minder door.
Toen het langzaam wat beter ging, begon Jan af en toe alleen een rondje door Lochem te wandelen. Via Yvonne hoorde hij over de wandelgroep van Welzijn Lochem. “In het begin moest ik daar echt niks van weten,” zegt Jan lachend. “Wandelen in een groep leek me helemaal niets.” Toch bleef Yvonne zeggen dat het echt iets voor hem zou zijn. Uiteindelijk kwam Janneke van Welzijn Lochem langs voor een gesprek. De volgende ochtend besloot Jan toch een keer mee te gaan met de wandelgroep.
Daar heeft hij geen moment spijt van gehad. “Ik vond het meteen gezellig. Samen wandelen, koffie drinken en gewoon een praatje maken.” Inmiddels is de wandelgroep een vast onderdeel van zijn week geworden. Wat Jan vooral prettig vindt, is dat alles vrijblijvend is. “Als wij met de camper weg willen, dan gaan we gewoon. Niks moet.”
Yvonne merkt thuis duidelijk verschil. “Ik heb mijn oude Jan weer terug,” vertelt ze. “Hij is vrolijker geworden en heeft weer wat te vertellen als hij thuiskomt.” De wandelgroep gaf Jan zoveel energie, dat hij inmiddels ook op maandag en donderdag meeloopt met andere wandelgroepen. Maar het belangrijkste voor Jan zijn de contacten die hij heeft opgedaan. “Dat maakt het voor mij echt waardevol.”
Jan hoopt dat meer mensen de stap durven te zetten om mee te lopen. “Ik snap heel goed dat mensen een drempel voelen, die had ik zelf ook. Maar probeer het gewoon eens. Na één wandeling was ik al enthousiast.”
Yvonne merkt thuis duidelijk verschil. “Ik heb mijn oude Jan weer terug,” vertelt ze. “Hij is vrolijker geworden en heeft weer wat te vertellen als hij thuiskomt.” De wandelgroep gaf Jan zoveel energie, dat hij inmiddels ook op maandag en donderdag meeloopt met andere wandelgroepen. Maar het belangrijkste voor Jan zijn de contacten die hij heeft opgedaan. “Dat maakt het voor mij echt waardevol.”
Jan hoopt dat meer mensen de stap durven te zetten om mee te lopen. “Ik snap heel goed dat mensen een drempel voelen, die had ik zelf ook. Maar probeer het gewoon eens. Na één wandeling was ik al enthousiast.”